Wat bedoelde Jezus met ‘Als iemand dorst heeft, laat hij tot Mij komen en drinken’?

Kort antwoord

Jezus riep dit op het Loofhuttenfeest, waar Israël vierde dat God water geeft. Hij zei daarmee: wat jullie hier vieren, vind je in Mij. Het levende water is de Heilige Geest, die wie in Jezus gelooft zou ontvangen. De enige voorwaarde is dorst: niet een leven op orde, maar het eerlijke besef dat je God nodig hebt.

In dit artikel
  1. Een kreet op het feest van het water
  2. Wat bedoelt Jezus met 'dorst'?
  3. Het levende water is de Heilige Geest
  4. Uit wiens binnenste stromen het water?
  5. Waarom de Geest 'er nog niet was'
  6. Wat betekent dit voor jou?

Wat vind jij?

Herken je dit, heb je een vraag of zie je het anders? Je reactie is welkom.

Plaats een reactie

Er zijn uitnodigingen die je pas begrijpt als je weet waar ze werden uitgesproken. "Kom en drink" klinkt anders bij een koffieautomaat dan in een woestijn. Toen Jezus deze woorden riep, stond Hij op het drukste feest van het Joodse jaar, op de dag waarop heel Jeruzalem vierde dat God water geeft.

En op de laatste, de grote dag van het feest, stond Jezus daar en riep: Als iemand dorst heeft, laat hij tot Mij komen en drinken. Wie in Mij gelooft, zoals de Schrift zegt: Stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien. En dit zei Hij over de Geest, Die zij die in Hem geloven, ontvangen zouden; want de Heilige Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt was.

Johannes 7:37-39 (HSV © Stichting HSV)

Een kreet op het feest van het water

Het feest waar Johannes over schrijft, is het Loofhuttenfeest. Zeven dagen woonde Israël in hutten van takken, ter herinnering aan de tocht door de woestijn. Het was een oogstfeest, maar ook een feest van verwachting: het viel net voor het regenseizoen, en alles hing af van de vraag of God het land opnieuw water zou geven.

Uit de Misjna, de Joodse overlevering die rond 200 na Christus op schrift werd gesteld, weten we hoe dat in de tempel gevierd werd. Elke ochtend van het feest droeg een priester een gouden kruik water van de vijver van Siloam naar het altaar en goot het daar uit. In de nachten werd er gedanst met fakkels, en de lampen in de tempelvoorhof waren zo fel dat heel Jeruzalem erdoor verlicht werd. Wie die vreugde nooit had gezien, zegt de Misjna, had nog nooit echte vreugde gezien. Omdat de Misjna anderhalve eeuw na Jezus is opgeschreven, weten we niet zeker of alles in Zijn tijd precies zo ging. Maar het beeld is duidelijk: dit was een feest van water en vreugde.

Op het hoogtepunt van dat feest staat Jezus op. Johannes zegt niet dat Hij het zei, maar dat Hij het riep. Boven de muziek en het gejuich uit. Terwijl het volk viert dat God water geeft, zegt Jezus eigenlijk: de Bron waar jullie naar uitzien, staat hier.

Wat bedoelt Jezus met 'dorst'?

Dorst is in de Bijbel een beeld van verlangen naar God zelf. Jeremia legt God een klacht in de mond die dat scherp maakt:

Want Mijn volk heeft een dubbel kwaad gedaan: Mij, de bron van levend water, hebben zij verlaten, om zich bakken uit te hakken, lekkende bakken, die geen water houden.

Jeremia 2:13 (HSV © Stichting HSV)

Het Hebreeuwse mayim chayyim, levend water, is in de eerste plaats gewoon stromend water: water uit een bron, dat beweegt en fris blijft, in tegenstelling tot regenwater dat in een uitgehakte put stilstaat. Jeremia's beeld is daardoor heel concreet. Mensen ruilen een bron die altijd stroomt in voor een put die ze zelf moeten graven en die toch lekt. Je kunt daarbij denken aan alles waar we ons leven mee proberen te vullen: erkenning, controle, zekerheid, prestaties. Het houdt het water niet vast.

Opvallend is wat Jezus níet zegt. Hij zegt niet: als iemand zijn leven op orde heeft. Niet: als iemand genoeg weet of genoeg zeker is. Alleen: als iemand dorst heeft. Dat is de enige voorwaarde, en het is er meteen een die iedereen kan vervullen. Wie zichzelf niet meer kan voorhouden dat het allemaal wel gaat, is precies degene die geroepen wordt.

Het levende water is de Heilige Geest

Johannes laat geen ruimte voor twijfel over wat het water is: "dit zei Hij over de Geest". Levend water betekent hier dus niet een gevoel, een leer of een religieuze ervaring, maar God zelf die in een mens komt wonen.

Eerder in hetzelfde evangelie zegt Jezus iets vergelijkbaars tegen een Samaritaanse vrouw bij een put:

Maar wie drinkt van het water dat Ik hem zal geven, zal in eeuwigheid geen dorst meer krijgen. Maar het water dat Ik hem zal geven, zal in hem een bron worden van water dat opwelt tot in het eeuwige leven.

Johannes 4:14 (HSV © Stichting HSV)

Het verschil met een put is dat een bron niet bijgevuld hoeft te worden. Je hoeft God niet steeds opnieuw naar binnen te werken. Hij stroomt van binnenuit.

Uit wiens binnenste stromen het water?

In Johannes 7:38 zit een vraag waar uitleggers al sinds de vroege kerk verschillend over denken. De oorspronkelijke Griekse tekst heeft geen leestekens, en het hangt ervan af waar je de punt zet.

In de meest gangbare lezing, die de Herziene Statenvertaling en de meeste Nederlandse vertalingen volgen, stromen de stromen uit het binnenste van de gelovige. Wie bij Jezus drinkt, wordt zelf een plek waar het water doorheen stroomt naar anderen. In een andere, ook oude lezing staat er: "Wie dorst heeft, kome tot Mij; en drinke wie in Mij gelooft. Zoals de Schrift zegt: stromen van levend water zullen uit Zijn binnenste vloeien." Dan is Jezus zelf de rots waaruit het water komt, zoals ooit in de woestijn.

Ik volg de eerste lezing, omdat vers 39 benadrukt dat het gaat om de Geest die de gelovigen zouden ontvangen. Maar het verschil is kleiner dan het lijkt. In beide lezingen is Jezus de Bron. De vraag is alleen of het beeld bij Hem blijft, of dat het doorloopt naar wie van Hem gedronken heeft.

Ook "zoals de Schrift zegt" verwijst niet naar één vers. Er staat nergens letterlijk dat stromen uit iemands binnenste zullen vloeien. Jezus vat een profetische lijn samen. Jesaja belooft:

Want Ik zal water gieten op het dorstige en stromen op het droge

Jesaja 44:3

Ezechiël ziet een rivier uit de tempel stromen die alles tot leven wekt (Ezechiël 47). En Zacharia spreekt over de dag waarop er levend water vanuit Jeruzalem zal stromen, in een hoofdstuk dat eindigt met alle volken die het Loofhuttenfeest komen vieren (Zacharia 14:8 en 16).

Waarom de Geest 'er nog niet was'

Johannes voegt er iets aan toe wat je makkelijk overslaat: de Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt was. Verheerlijking is bij Johannes een ander woord voor het kruis en de opstanding. Het water dat Jezus aanbiedt, is gratis voor wie drinkt, maar het kost Hem Zijn leven.

Dat maakt de plek waar Hij roept nog indrukwekkender. In hetzelfde hoofdstuk proberen de leiders Hem al te grijpen (Johannes 7:30 en 32). Jezus weet waar dit heen gaat. Toch houdt Hij Zich niet stil uit zelfbehoud, maar roept Hij juist dan het hardst. De oude uitnodiging van Jesaja klinkt erin door:

kom, koop zonder geld, zonder prijs

Jesaja 55:1

Zonder prijs voor ons. Niet zonder prijs voor Hem.

Wat betekent dit voor jou?

Deze uitnodiging is niet bedoeld voor mensen die het geloof al helemaal doorhebben. In Johannes 7 discussieert iedereen over Jezus: Hij is goed, Hij misleidt het volk, Hij heeft een demon, Hij is de Profeet. Iedereen heeft een mening, maar bijna niemand drinkt. Juist midden in die discussie roept Jezus.

Misschien herken je dat. Je denkt veel na over God, je hebt vragen, je weet misschien zelfs veel. En toch is er dorst. Dat is geen teken dat je geloof tekortschiet. Het is precies de plek waar Jezus je roept. Komen en drinken betekent: ophouden met lekkende putten graven, en eerlijk tegen God zeggen dat je Hem nodig hebt. Wat er daarna gebeurt, is Zijn werk. Een bron vult zichzelf.

Bronnen

Reacties

Nog geen reacties. Wat raakte jou in dit artikel?

    Dank je wel! Je reactie is ontvangen en verschijnt na goedkeuring.

    Plaats een reactie

    Je reactie verschijnt na goedkeuring. Je e-mailadres wordt nooit getoond.